Bernhard: een 'rank amateur' - de mythe van Wageningen

De koninklijke propaganda machine heeft op volle toeren gedraaid na het overlijden van onze geliefde prins in december 2004. Met als klapstuk natuurlijk de schitterende militaire begrafenis. Wat een show heeft Bernhard postuum laten opvoeren. Alleen de majorettes ontbraken nog, de dansmariekes. Hoe schitterend ook weer was het dribbelen van onze jongens onder de prinselijke lijkkist. Nederland is daar uniek in! Maar goed, oude sprookjes moesten nieuw leven worden ingeblazen. Prins Bernhard als held van de tweede wereldoorlog de geschiedenis in. Als bevrijder van Nederland. (!) Was hij niet aanwezig bij de capitulatie-ondertekening van de Duitse generaal Blaskowitz in Wageningen? Sterker nog, was hij niet degene aan wie de moffen zich overgaven? Nee!
 
Veldmaarschalk Montgomery, die de pest aan Bernhard had - hij vond hem een 'rank amateur', iemand die zijn militaire rang niet aan het front had verdiend, maar hem had gekregen, de vierentwintig jaar oudere Monty zag de prins als een kwajongen en nam hem nauwelijks serieus (!) – aanvaardde op 4 mei 1945 in zijn hoofdkwartier op de Lüneburgerheide de overgave van de Duitse troepen in Noordwest Europa. Dat wil zeggen in Noordwest-Duitsland, Nederland, Denemarken en Sleeswijk-Holstein. De capitulatie ging op 5 mei 's morgens om 8 uur in. In Nederland ontstond naar verluid een vervelende situatie toen de Duitse bevelhebber generaal Blaskowitz vond, dat de capitulatie niet van toepassing was op de Duitse troepen in het Westen van ons land.
Hij werd door de Canadese luitenant-generaal Foulkes opgeroepen en op 5 mei werden in hotel "De Wereld" in Wageningen besprekingen gevoerd. Hierbij was ook Prins Bernhard als formele bevelhebber van de Nederlandse strijdkrachten aanwezig. De volgende dag, zondag 6 mei 1945, tekende Blaskowitz alsnog de capitulatie van alle Duitse troepen in Nederland en daar was Bernhard niét bij aanwezig.
Montgomery was Bernhard, zoals gezegd, slecht gezind, en de streek die hij hem leverde op de avond van 4 mei 1945 was bitter. De capitulatie van de Duitsers werd elk moment verwacht. De Binnenlandse Strijdkrachten van Bernhard stonden klaar om de bezetter te ontwapenen. Edoch, deze persoonlijke heldendaad voor bevelhebber Bernhard ging niet door. Montgomery zette hem in de hoek. Die avond kreeg Bernhard in Beekbergen bezoek van de Canadese generaal Charles Foulkes die strikte orders van Montgomery overbracht: alléén de geallieerde troepen, en niét de BS van Bernhard, mochten na de overgave de wapens van de Duitsers in ontvangst nemen. En Foulkes voegde daaraan toe: "Uw mensen mogen drie dagen lang  geen wapens dragen in bezet gebied” .

                                                              
Wat betreft de historiciteit van de “overgave” van Blaskowitz op 5 mei, in de Volkskrant van 30 april 2005 stond het artikel “De mythe van Wageningen” van Hans Wansink, die aan de hand van de bevindingen van onderzoeker Coen Pepplinkhuizen een heel nieuwe opening van zaken in dezen geeft:
Maandenlang had Coen Pepplinkhuizen al in diverse archieven doorgebracht, toen bij hem eindelijk een licht ging branden, ‘Het is die Foulkes!. De Canadese generaal blijkt de hoofdpersoon in wat Pepplinkhuizen een ‘gelegenheidssamenzwering’ noemt. Prins Bernhard liet zich  het complot, de creatie van de mythe van de vijfde mei, graag aanleunen en ook de geteisterde stad zelf was er verguld mee. Maar voor de carrière van Charles Foulkes was de gefingeerde capitulatie van levensbelang, ontdekte Pepplinkhuizen”.
 
 
Wat was het geval? Toen het bericht doorkwam dat generaal-admiraal Von Friedenburg, generaal Kinzel, chef-staf van veldmaarschalk Busch, Admiraal Wagner, Majoor Freidel en kolonel Pollelk de Duitse troepen in Noordwest Europa aan Montgomery hadden overgegeven kwam dat voor Foulkes als een onaangename verrassing. Deze had zich bij de bevrijding een grotere rol toegedicht. Bovendien vernam hij dat zijn grote rivaal in het Canadese leger, generaal Guy Simonds, de overgave van de Duitse troepen in Noord-West Duitsland in ontvangst had genomen. Pijnlijk, als je grootse carrièreplannen hebt. Vandaar dat hij van een puur militair-technische bijeenkomst over de uitwerking van de overgave een ‘echte’ capitulatie maakte. Als plaats daarvan koos hij voor Hotel de Wereld in Wageningen vanwege de tot de verbeelding sprekende naam.

                                                                            
Hij organiseerde vervolgens op 5 mei een mediacircus met ruim veertig Canadese oorlogscorrespondenten. Hij bemoeide zich uitvoerig met de tafelschikking. Hij besloot de bijeenkomst te beginnen met het voorlezen van het capitulatiedocument van Montgomery. Deze tekst vertoont geen enkele overeenkomst met het document dat Foulkes aan Blaskowitz ter tekening zou voorleggen. En ten slotte stond hij op de aanwezigheid van opperbevelhebber Blaskowitz, terwijl hij de tekening van het standaarddocument ook had kunnen overlaten aan diens chef-staf Reichelt. Foulkes heeft uiteindelijk ook nog de gedenkplaat geschonken die aan de Unconditional Surrender moet blijven herinneren.
 
Pepplinkhuizen: ‘Alleen een capitulatie op 5 mei was voor Foulkes goed genoeg, want zijn rivaal Simonds had op die dag immers al een capitulatie binnengehaald. Toen Blaskowitz om 24 uur uitstel van de ondertekening van het document vroeg, kon Foulkes de redelijkheid daarvan echter wel inzien. Maar hij had natuurlijk geen enkel belang bij een nieuw mediaspektakel. Dus besloot hij een suggestie van zijn chef-staf Kitching te volgen en de ondertekening van het standaardformulier in stilte te laten plaatsvinden’".
En dat gebeurde dus op zondag 6 mei 1945.